Van mobiliteitsbeleid naar wegeninfrastructuurbeleid

Het wordt steeds duidelijker: met minister Crevits aan het roer (al is 'stuur' hier iets toepasselijker), zetten we de klok dik tien jaar terug. Mobiliteitsbeleid wordt opnieuw verkeersbeleid of erger: wegeninfrastructuurbeleid. Een goede zaak voor de aannemers, maar niet voor de mobiliteitsproblemen. Want wat we jaren geleden eindelijk onder ogen zagen, wordt nu opnieuw genegeerd of ontkend: mobiliteitsproblemen los je niet op door meer weginfrastructuur aan te leggen. En al helemaal niet in het land met het dichtste wegennet ter wereld.
Overigens draagt Crevits ‘verkeersveiligheid’ en ‘educatie’ in theorie hoog in het vaandel. Maar meer dan windowdressing is het niet. Steeds grotere happen uit de budgetten gaan naar wegenaanleg, waarbij de klemtoon dan vaak ligt op een betere 'doorstroming' en niet op 'verkeersveiligheid'. Zie haar plannen om de E313 met enkele extra rijstroken te bedenken, terwijl zelfs de studie van het Vlaams Verkeerscentrum (waar nogal wat methodologische kanttekeningen bij kunnen worden gemaakt) aantoont dat daarmee het fileprobleem niet zal opgelost worden. Om niet te spreken over problemen zoals lawaaioverlast en luchtverontreiniging.
Tegelijk bespaart de ijzeren Westvlaamse bij het openbaar vervoer en schrapt ze de kredieten voor het op gedragswijziging ("modal shift") gerichte tijdschrift Uitweg en voor het succesvolle project 'Duurzaam veilig naar school'. Over 15 jaar zijn die kindjes de nieuwe 'fileslachtoffers' die niet beseffen dat ze niet in de file staan maar zelf de file zijn. Tekenend voor de huidige cultuur bij haar departement was het smogalarm van begin deze week: de borden voor de snelheidsbeperking werden niet omgedraaid, "omdat de administratie er niet de tijd voor had." Lees: "er geen tijd voor gemaakt heeft."
Het wordt steeds duidelijker waar de prioriteiten liggen.