De kern van het groene denken.
Ook in deze crisis nadenken over de essentie.
Waardoor onderscheiden zich de groenen van de traditionele
politieke partijen, de nationalistische inbegrepen?
Op deze vraag zijn de groenen antwoord verschuldigd, ook nu in deze crisis..
Groenen spreken over een groen project, een groene visie, een andere economie, over een groene en duurzame economie, maar geven geen definities. Ze leggen de essentie van hun visie niet bloot. Dit is nodig, want als ze zich door het wezen van hun denken niet onderscheiden van de andere partijen hebben ze geen reden om zich aan te dienen als autonome partij die weigert zich te laten opslorpen of kartels aan te gaan. Ze moeten hun zelfstandig optreden rechtvaardigen.
Ecologisten zijn sinds de jaren tachtig de politieke alternatiefstellers die zich onderscheiden van de aanhangers van de klassieke economie, van Adam Smith, David Ricardo, Karl Marx e. a. Ze doen dit door de waarde van goederen, producten, diensten, productieprocessen….op een andere manier te bepalen. . Tegenover de ruilwaarde van goederen en diensten ( uitgedrukt in geld ) stellen de ecologisten, de gebruikswaarde, in zekere zin de “ echte waarde “ . Ze zien de globale gebruikswaarde van goederen en diensten. Deze wordt bepaald door een afweging van de meer- en minwaarden die ontstaan bij ontginning, productie, consumptie, gebruik, afvalverwijdering. Dit denken van de ecologisten is nieuw, revolutionair , niet simpel ( minder simpel dan de klassieke prijsbepaling ), wel samenhangend. Het vindt toepassing in de praktijk bij de beoordeling o. a. van kernenergie; industriële landbouw, nachtvluchten, …. Het maakt groenen vaak onhandelbaar. Men kan ze niet paaien met een participatie in de winst, met een zitje in een raad van bestuur. De zien van de “ echte waarde “ is van belang in de actuele crisis. Deze ontstond door financiële acties ( speculeaties ) van instellingen die secundaire liquiditeiten creëerden ( leningen toekenden en aandelen uitgaven ) die niet in overeenstemming waren met de intrinsieke ( echte ) waarde van goederen en activiteiten waarop de vertrouwensrelaties ( solvabiliteit ) moeten gebaseerd zijn. Zie in dit verband Montesquieu. Hij schrijft over het geld ( la monoie est le signe de la richesse) dat geld niet de rijkdom is, maar het teken van de rijkdom. Als er geen ware waarde, geen gebruikswaarde is, geen echte rijkdom, is het geld ook zonder waarde. De ecologisten hebben in deze crisis iets te zeggen. Ze moeten niet zwijgen.
Ruilwaarde en gebruikswaarde
Door groenen wordt de huidige maatschappij gezien als een grote productiemachine, waarin het nodig is te produceren om te produceren te innoveren, zoveel mogelijk te consumeren om de machine op gang te houden en geld te maken zelfs wanneer de economie op geen waarborgen biedi. De traditionele krachten zijn verplicht deze machine stimulansen te geven en haar zoveel mogelijk haar gang te laten gaan o. a. door dereguleringen, privatiseringen en liberaliseringen. De machine moet er vandoor gaan, – vooral in crisistijd. Het is aan de verzorgingsstaat, aan de actieve welvaartstaat, om achter de machine aan te rennen. De verzorgingsstaat moet de brokken lijmen, de afval opruimen, de slachtoffers opvangen, de schade herstellen, de veiligheidsmaatregelen treffen, de banken financieren of nationaliseren. Veel is toegelaten als het maar bijdraagt tot de zo nodige groei, tot het overwinnen van de conjuncturele crisis. tot het verwekken van Kondratieff-golven,tot het behoud van de concurrentiepositie van de nationale en regionale economieën.
Niet achter de machine aanhollen.
Ecologisten willen niet achter de productie- en consumptiemachine aanhollen. Zij willen vooruitziend zijn en niet achteraf, maar reeds bij de keuze van producties en productiesystemen ingrijpen. Reeds bij de economische en sociale besluitvorming, vooral in deze crisis, moet worden gedacht aan de mogelijke gevolgen. Wat produceren? Wat geeft werk en is niet destructief? Daarop weten de groenen het antwoord.
Ecologisten zijn realisten. Volgens Konrad Lorenz de realisten van de toekomst. Daarom zien ze ook het belang van het monetaire. Groenen verwaarlozen het monetaire niet, maar kennen er de kwetsbaarheid van. Het kan ontwaarden. Ze denken aan het inkomen, aan de begroting, aan muntstabiliteit, aan evenwicht in de betalingsbalansen. Ze weten dat geld onontbeerlijk is voor het organiseren van sociale rechtvaardigheid, maar ook dat er niet-monetaire dimensies aan de strijd voor rechtvaardigheid moeten worden toegevoegd. Alle mensen hebben namelijk ook gelijke rechten op ongerepte natuur, stilte, zuiver water, gezonde levensomstandigheden, medemenselijkheid, enz…. .
Bij de bepaling van de globale gebruikswaarde spelen niet alleen het monetaire maar ook de verschaffing van zinvol, duurzaam en “ ander “ werk een centrale rol. De aandacht gaat naar de dienstensector, naar jobs die niet delokaliseerbaar zijn. In de EU, gekneld tussen het liberale Amerika en de lagelonenlanden, is er behoefte aan meer sociale solidariteit, niet aan het afjakkeren en ontslaan van werknemers als voorzorgsmaatregel tegen winstafname…
Groenen stellen meer vragen
Ecologisten zien niet alleen het financiële en het belang van werkverschaffing. In hun visie op de globale gebruikswaarde zien ze ook de gevolgen van beslissingen voor de gezondheid ( van mens en dier), voor de levenskwaliteit, voor het milieu, voor de veiligheid, voor het behoud van de natuurlijke en culturele patrimonia, voor het behoud van de schoonheid van landschappen en stadsgezichten, voor de sociale en multiculturele solidariteit, voor de democratie, voor de menselijkheid, de interhumane relaties, de overzichtelijkheid van de samenleving, de vereenzaming, de behoefte aanrust en stilte, voor de economieën van de ontwikkelingslanden, voor de vrede, voor de volgende generaties….
Sommige van deze zorgen zijn niet of bijna niet in geld uitdrukbaar en worden daarom door de voorstanders van de klassieke economie weggewuifd als irreëel. Bepaalde gevaren, bedreigingen, uitputtingsverschijnselen zijn inderdaad niet in geld te berekenen. Ze zijn daarom niet minder belangrijk in het politieke en wetenschappelijke denken. Het gevaar van kerncentrales op enkele kilometer van Antwerpen is in geld niet uitdrukbaar. Hetzelfde geldt voor uitputting van de visreserves, voor de ontbossing……
Overlopen we de acties waarin de groenen zich profileren dan zien we dat het denken in termen van globale gebruikswaarde steeds aanwezig is. Steeds worden meer- en minwaarden uitdrukkelijk of impliciet tegen elkaar afgewogen. Denken we aan de strijd tegen kernenergie, voor alternatieve energiewinning, voor windmolens, voor veilig verkeer en openbaar vervoer, tegen regionale luchthavens, voor extensieve landbouw, tegen overbodige afvalproductie, voor andere distributiesystemen, tegen bepaalde belastings- en verzekerings-systemen, voor woonrecht, voor andere handelsrelaties met de derde wereldlanden, tegen de ongebreidelde concurrentie tussen mensen, bedrijven regio’s en staten, voor het verwerven van een greep op de mondialisering….
Dat bij de politieke en economische besluitvorming in toenemende mate rekening zal moeten gehouden worden met de globale gebruikswaarde wordt door niemand betwijfeld. Onze wereld wordt elke dag kleiner, wordt steeds meer overbevolkt en bedreigd door meerdere vernietigingsprocessen : opwarming, woestijnvorming, uitputting, vervuiling, armoede….
Als de verdedigers van de globale gebruikswaarde van goederen en diensten zijn de groenen op alle niveaus nodig. Lokale acties hebben transnationaal zin. Groenen zijn nieuw. Ze zijn de nieuwe oppositionele kracht en van alle politieke krachten de meest toekomstgerichte, de meest transnationale. Groene partijen zijn geen voorbijgaande, geen lokale verschijnselen.
Ecologisten zijn niet voor soberheid of voor een politiek van het genoeg. Ze zijn voor rijkdom in termen van gebruikswaarde. Ze zijn voor ware rijkdom . Ze zijn aantrekkelijk voor de gewone mensen. Nu reeds. Ook in deze overweldigende crisis.
Namens de Groene Senioren,
Tony Cooreman, Jan Cuyckens, Mark Deckers ,Walter Decoene, Ludo Dierickx, Gerry Guldentops, Karel Haustraete, Elka Joris, Jean Lekens, Rik Neudt , Gilbert Panis, Bert Weyts, ( Ludo.dierickx@skynet.be )
Antwerpen, 19 november 2006 ( tekst geactualiseerd )



